Verliefd op het meisje in de bus.

[18:32]

[Marc, 22 jaar]

[Nijmegen centraal station]

Waar de fuck is mijn bus? Ik zweer het je, die kut dingen rijden nooit op tijd. Ik wil gewoon naar huis, ik heb geen tijd om hier doelloos te staan wachten. Tentamenweken, wie heeft het bedacht. Morgen weer een tentamen. Ben ik begonnen met leren? Natuurlijk niet. Als het aan mij ligt stop ik vandaag nog met deze opleiding.

Mijn bus, eindelijk. 15 minuten te laat.

Instappen, buschauffeur groeten. Inchecken, bliep bliep.

Het is altijd druk in deze bus, er zijn nog maar een paar plekken vrij, maar dan moet ik naast iemand gaan zitten. Dat bespaar ik mezelf liever, dat hele ongemakkelijke “Mag ik hier zitten?” en dan de hele busrit bovenbeen contact maken. Allebei ongemakkelijk iets verder uit elkaar schuiven, tot de buschauffeur als Max Verstappen een bocht maakt en je uiteindelijk toch weer op elkaar geplakt zit.

Of de ergste types, mensen die in een volle bus hun tas op de stoel naast zich zetten alsof hun leven er vanaf hangt. De blikken van iedereen vermijden, alsof zij die plek in de bus speciaal gereserveerd hebben en er absoluut niemand goed genoeg is om naast hun te mogen zitten.  Soms wil ik gewoon expres bovenop zo’n tas gaan zitten, of ‘m eraf smijten. Gewoon omdat het kan, en omdat het asociaal kut gedrag is. We zijn allemaal mensen, we willen allemaal liever zitten dan 20 minuten lang moeten staan, terwijl de buschauffeur constant net te hard remt waardoor je weer bijna op je bek gaat.

Nee, daar ga ik mezelf vandaag niet aan blootstellen. Ik ga wel staan. Ik leun tegen het koude raam van de bus aan, voor me uit starend. Ik bedenk me hoeveel ik nog moet doen wanneer ik thuis kom, dingen waar ik helemaal geen zin in heb. Ik wil gewoon mijn schooltas op de grond pleuren, muziek aan en even helemaal niks. Mijn PlayStation is al bijna een week onaangeraakt, zonde.

De bus vertrekt, ik zucht dramatisch. Wat is het leven toch ook zwaar als geneeskunde student. Iedere dag pak ik deze bus weer, sommige gezichten herken ik. Geen idee wie het zijn, maar ik heb ze vaker gezien, misschien wonen ze wel dicht bij me in de buurt.

Recht tegenover me staat een meisje, een onbekend gezicht. donkerbruin haar dat net over haar schouders valt, volle lippen, sproetjes. Haar ogen kan ik niet zien, te druk bezig met typen op haar Rosé gouden Iphone. Ze heeft strakke zwarte skinny jeans aan met een te groot shirt, om haar middel heeft ze een vestje geknoopt. Ze is bloedmooi. Ik zou der doen.

Ze kijkt op, haar groene ogen richtte zich meteen op mij. Gauw wegkijken, net doen of de grond zo verschrikkelijk interessant is. Heeft ze me zien staren? Ik hoop het niet.  Ik werp nog een voorzichtige blik naar haar, ze is weer bezig met haar mobieltje.

Wie is ze? Hoe oud zou ze zijn? Hoe zou ze heten? Neemt ze vaker deze bus?

Ze maakt me nieuwsgierig. Ik wil haar leren kennen. Van binnen en van buiten, vooral van binnen, het liefst heb ik haar zo snel mogelijk in mijn bed. Maar daarna wil ik haar leren kennen, weten wie ze is. Wat haar hobbies zijn, wat haar gelukkig maakt, wat haar doelen zijn.

Ik wil haar aanspreken, maar wie ben ik. Ik ben niet super knap, ik heb geen spieren en ook geen geld. Ze zou me binnen 5 seconden afwijzen. Of moet ik het risico nemen? Het gaat tenslotte om het innerlijk, en al zeg ik het zelf, ik ben echt wel boyfriend material. Ik ben lief, romantisch en ik zou alles geven voor iemand zoals haar. Dat zou voldoende moeten zijn toch.

Ik vraag me af wat ze aan het doen is op haar mobieltje, totaal geen aandacht voor de buitenwereld. Totaal onbewust dat ik haar in mijn gedachten nu aan het uitkleden ben. God, wat ik zou geven voor iemand zoals haar. Ik moet niet zo’n pussy zijn, ik sta al een jaar droog godverdomme.

Ik wil haar aanspreken, wat moet ik zeggen? “Hoi, ik ben Marc.” Om vervolgens over mijn eigen woorden te stotteren, nee. Ik kijk weer naar haar, druk weg typend op haar mobieltje. Ze heeft een gouden kettinkje met een hartje eraan om, als dit geen fucking teken is weet ik het ook niet meer. Ze is echt mooi, ik wil deze kans niet laten lopen.

Ze pakt iets uit haar broekzak, haar Ov-chipkaart. Shit. Gaat ze uitstappen? Ze kijkt naar buiten, waarschijnlijk om te zien of de bus al bij haar halte is.

Ze pakt haar rugzak en gooit deze over haar rechterschouder, ze kijkt me aan. Ze lacht naar me, haar ogen glinsterend. Dit was ‘m, dit was het teken waar ik op aan het wachten was. Ik moet nu actie ondernemen, fuck it. Ik ga der aanspreken, ik ga der vertellen dat ze mooi is, ik ga haar nummer vragen. Nu. Nu. Nu. Mijn hart bonst in m’n keel, waarom ben ik zo nerveus.

 De bus rijdt langzamer. Ik hoor het geluid van de richtingaanwijzer. Ik zie de bushalte.

Het is nu of nooit.

De bus stopt. De deuren openen. Ze stapt uit.

Ze draait zich om, ze kijkt me nog aan. Maar ik doe niks.

De deuren sluiten. De bus vertrekt.

De volgende dag zak ik voor m’n tentamen.

Voor wanneer je wel het lef hebt om op iemand af te stappen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s